Nuttige informatie

  Wonen in Vlaanderen – Huren
  Jongerengids – dossier wonen

De woninghuurwet

Documentatiecentrum RoSa heeft de belangrijkste punten van de woninghuurwet op een rijtje gezet. Ontdek het in deze juridische bijlage – pdf.

Noodsituatie?

  • Het OCMW stelt voor maximaal drie maanden een crisiswoning (ook wel doorgangwoning genoemd) ter beschikking voor iedereen in een noodsituatie. Denk aan een brand, een onbewoonbaar verklaarde woning,…
  • Het CAW is er voor iedereen die zijn/haar woning moet ontvluchten door bv. partnergeweld. Als je in die situatie zit, neem dan contact op met het CAW in jouw buurt.
      Vind een CAW in je buurt.

Hou rekening met…

  Het huurcontract en de registratie.

Zorg dat er een geschreven contract is als je een woning huurt. Lees het goed na voor je het tekent. Eens getekend is een huurcontract bindend. Dat wil zeggen dat je je aan de bepalingen in het contract moet houden en dat het contract niet zomaar opgezegd kan worden. Het is een goed idee om alles wat nadien mondeling wordt afgesproken, toch ook op papier te zetten. Schrijf er dan zeker de datum bij, onderteken het zelf en laat het door de huisbaas ondertekenen.

Hoewel niet iedereen het doet, moet een huurcontract geregistreerd worden. Registratie van een huurcontract biedt een betere bescherming voor de huurder. Een huurcontract wordt geregistreerd op het registratiekantoor van jouw gemeente.


  De plaatsbeschrijving

De plaatsbeschrijving is een nauwkeurige, schriftelijke beschrijving van de staat van de woning. Sinds mei 2007 is het verplicht om zo’n plaatsbeschrijving op te maken. Voor je een woning huurt, maak je samen met de huisbaas een plaatsbeschrijving op. Zorg dat elk gebrek aan de woning erin wordt opgenomen. Voeg eventueel foto’s toe. Noteer ook de meterstanden van water, gas en elektriciteit. Zowel huurder als verhuurder moeten de plaatsbeschrijving ondertekenen. Bij het beëindigen van de huur wordt de plaatsbeschrijving vergeleken met de huidige staat van de woning. Eventuele schade die niet door normale slijtage is veroorzaakt, moet door de huurder worden vergoed. Meestal wordt er dan een bedrag van de huurwaarborg afgehouden.


  Domicilie: je officiële adres.

Om van je woonplaats je officiële verblijfplaats te maken, ga je naar de dienst bevolking in het gemeentehuis van je woonplaats. Daar geef je je adres(verandering) aan. Vergeet daarbij je identiteitskaart niet. Na deze aangifte komt de wijkagent op bezoek om het adres te controleren. Zorg daarom dat je naam op de bel en op de brievenbus staat. Na dat bezoek volgt een uitnodiging om weer naar het gemeentehuis te gaan. Als je al een elektronische identiteitskaart hebt, vergeet de pin-code niet. Heb je nog geen elektronische identiteitskaart, breng dan een goede pasfoto en geld (tussen € 10 en € 20) mee zodat een nieuwe identiteitskaart kan worden aangemaakt.


  Een brandverzekering moet je absoluut hebben. Een brandverzekering zorgt ervoor dat je bij een brand, bij storm-, hagel- en waterschade en bij glasbreuk zelf niet volledig opdraait voor de kosten. De meeste brandverzekeringpolissen verzekeren ook tegen diefstal.

Hoeveel je moet betalen, hangt af van de grootte van de woning en van de geschatte waarde van de inboedel (meubels, elektronica,…). Verzeker je inboedel voor een voldoende hoog bedrag. Vraag de verzekeraar dat hij de ‘evenredigheidsregel’ uit de polis schrapt als die erin staat. Vergeet ook niet dat de verzekering pas tussenbeide komt boven een vast bedrag aan schade.


  Het energieprestatiecertificaat (epc): sinds 2009 moet de verhuurder je een energieprestatiecertificaat kunnen tonen. Dat certificaat geeft aan hoe energiezuinig de woning is en geeft dus een indicatie hoe groot je energiekosten zullen zijn.